<?xml version="1.0"?>
<rss version="2.0">
   <channel>
      <title>1700-1800  by Joyce Leussink</title>
      <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800</link>
      <description></description>
      <language>en-us</language>
      <pubDate>2015-05-13 14:56:35 UTC</pubDate>
      <lastBuildDate>2024-05-24 20:14:19 UTC</lastBuildDate>
      <webMaster>hello@padlet.com</webMaster>
      <image>
         <url></url>
      </image>
      <item>
         <title>Eise Eisinga 1744-1828</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364282</link>
         <description><![CDATA[<p></p><p>Eise Eisinga was een amateur-astronoom die in zijn eigen huis in Franeker een planetarium bouwde, dat tegenwoordig geldt als het oudste werkende planetarium ter wereld.</p><p>De hoogbegaafde Eisinga mocht niet naar de Latijnse School omdat hij was voorbestemd om, net als zijn vader, wolkammer te worden. Via zelfstudie verdiepte hij zich in de grondslagen van de wiskunde en de astronomie. De nabijheid van de Franeker Academie kwam daarbij goed van pas.</p><p>In 1774 verscheen een boekje waarin werd voorspeld werd dat de aarde uit haar baan geslingerd zou worden door een botsing tussen de maan en een aantal planeten. Deze voorspelling veroorzaakte in Friesland veel paniek. Om aan te tonen dat er geen reden voor paniek was, besloot Eisinga in het plafond van zijn woonkamer een schaalmodel van het zonnestelsel te bouwen. In 1781 was het planetarium klaar.</p><p>Eisinga was net als veel andere burgers uit zijn tijd geïnspireerd door de Verlichting. Deze burgers waren ervan overtuigd dat kennis mens en samenleving kon verbeteren. Het verlichtingsdenken had in Nederland een ander karakter dan in Frankrijk. Levend in een land zonder almachtige kerk en absolute vorst konden maar weinig burgers sympathie opbrengen voor de radicale en antigodsdienstige opvattingen van sommige <em>philosophes.</em> Liever geloofden zij dat God het goed voorhad met de wereld: Hij leidde alle dingen naar een vriendelijke, harmonieuze samenleving. Zij dompelden zich dan ook onder in 'genootschappelijke gezelligheid'. Samen met andere verantwoordelijke burgers deden zij natuurkundige proeven, bekeken zij fossielen, bespraken zij oplossingen voor maatschappelijke problemen en bestudeerden zij de hemellichamen.</p><p>Tot op de dag van vandaag toont het planetarium de actuele stand van de planeten. De planeten van het planetarium bewegen namelijk in dezelfde tijd rond de zon als de echte planeten: Mercurius doet 88 dagen over een omloop, de aarde een jaar en Saturnus meer dan 29 jaar.</p><p>Het centrale slingeruurwerk wordt aangedreven door negen gewichten. Vanuit dit uurwerk wordt elke planeet zijn juiste omloopsnelheid gegeven via een indrukwekkend raderwerk van houten hoepels en schijven met tienduizend handgesmede spijkers als tanden.</p><p>Toen koning Willem I in 1818 naar Friesland kwam om het planetarium te bezichtigen, was hij zo onder de indruk dat hij het vervolgens aankocht voor de Nederlandse staat. Tien jaar later, in 1828, overleed Eisinga op 84-jarige leeftijd. In zijn testament beschreef hij de werking van zijn planetarium.</p><p></p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 14:59:24 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364282</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364428</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/f41ba70ef3716d2f2b14c77cc039467600f0b9c5/8a257dd9b3184dbd6fd5d6f52d972f31.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:00:24 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364428</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364946</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/ea2f4711eb56017f94e133c276ca9289d4f7cd83/93a9cdef198b6a64c9910243ca35cd6e.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:03:00 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60364946</guid>
      </item>
      <item>
         <title>De patriotten 1780-1795</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365241</link>
         <description><![CDATA[<p></p><p>In de tweede helft van de achttiende eeuw leek de Gouden Eeuw van de Republiek voorgoed voorbij. Als handelsnatie was de Republiek overvleugeld door Engeland. De financiële sector groeide weliswaar, maar die kon de grote werkloosheid niet oplossen. In de internationale politiek telde de Republiek ook nauwelijks meer mee. Dat werd pijnlijk duidelijk in de Vierde Engelse Oorlog (1780-1784), waarin de Republiek geen partij meer bleek voor Engeland.</p><p>In de crisis kwam een nieuwe politieke groep naar voren, de burgers, die tot dan toe nauwelijks een stem hadden gehad in het lands- en stadsbestuur. Zij zagen in stadhouder Willem V een soort dictator, en in sommige regenten zijn stromannen. Ze hielden de stadhouder verantwoordelijk voor de crisis waarin het land was beland. Deze kritische burgers noemden zich ‘patriotten’. Sommige regenten kozen hun kant.</p><p>Op 26 september 1781 verscheen er een illegaal anoniem patriottisch pamflet, ‘Aan het volk van Nederland’, dat de politieke discussie pas goed deed ontbranden. Er vormden zich twee partijen. Aan de ene kant de aanhangers van de stadhouder Willem V, aan de andere kant de patriotten. Beide kanten maakten volop gebruik van het politieke pamflet. Een lawine van tijdschriften - zoals de invloedrijke De Kruyer - losse blaadjes, spotprenten rolde over het land. Daarin werd geanalyseerd hoe de Republiek in elkaar zat en waarom die in verval was geraakt, en werden oplossingen aangedragen. Langzamerhand kwamen ook nieuwe elementen in de discussie naar voren. Zo begon het nationaal gevoel, een gevoel van trots op het land, steeds meer een rol te spelen. Mensen voelden zich niet alleen meer inwoner van een stad of streek, maar ook burger van het vaderland, dat zich volgens de patriotten dan ook als politieke eenheid zou moeten organiseren. Een twistpunt daarbij vormde de vraag hoe burgers in de politiek vertegenwoordigd moesten worden.</p><p>Patriotse burgers organiseerden zich in ‘vrijkorpsen’, een soort verenigingen van gewapende burgers, om de macht over te nemen. Stadhouder Willem V voelde zich niet meer veilig in het patriotse Den Haag en trok zich terug in Nijmegen, totdat de koning van Pruisen in 1787 troepen stuurde om de orde te herstellen. Deze deed dat op verzoek van zijn zus Wilhelmina, de vrouw van de stadhouder. De vrijkorpsen van de patriotten waren geen partij voor de goed getrainde Pruisische soldaten. Acht jaar later (1795) kwam er alsnog een einde aan de Republiek, toen de revolutionaire Fransen de (ondergrondse) patriotten te hulp kwamen om het oude regime ten val te brengen.</p><p></p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:04:53 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365241</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365653</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/f286b6f8e03e67507be34f4878f339a80c718114/7c100d9bee111cf49e9fe9189f712e3c.gif" />
         <pubDate>2015-05-13 15:07:22 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365653</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Napoleon Bonaparte 1769-1821</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365817</link>
         <description><![CDATA[<p>De geschiedenis van Nederland staat nooit los van ontwikkelingen in het buitenland. En dat geldt zeker voor het einde van de achttiende en het begin van de negentiende eeuw, toen de Fransen een beslissende invloed uitoefenden in de Nederlandse politiek en de ‘kleine korporaal’ Napoleon Bonaparte de Franse leider was. Napoleon was een militair die in 1799 de toenmalige Franse regering  afzette en daarna de macht over Frankrijk en over alle door de Franse legers veroverde gebieden naar zich toe trok. Vervolgens ging hij als generaal zijn troepen voor in veldtochten tegen de keizer van Oostenrijk, de Russische tsaar en de Engelse koning.<br>Als keizer heerste hij vanaf 1806 over bijna heel Europa, dat hij als ‘verlicht despoot’ bestuurde.</p><p>De Nederlandse Republiek was al in 1795 door Franse troepen veroverd, met hulp van Nederlandse patriotten. Tot 1806 bleef de Bataafse Republiek, zoals Nederland toen werd genoemd, formeel onafhankelijk van Frankrijk, maar in werkelijkheid gebeurde er weinig zonder goedkeuring van de Fransen. In 1806 benoemde Napoleon zijn broer Lodewijk tot koning van Holland, en werd Nederland een koninkrijk. Daarmee werd de grondslag gelegd voor de latere monarchie. In 1810 zette Napoleon zijn broer af en lijfde hij Nederland bij het Franse Keizerrijk in. Drie jaar later werd Napoleon verslagen en naar Elba verbannen. Nederland werd weer onafhankelijk.<br>Napoleon speelde in deze tijd dus een hoofdrol in de Europese geschiedenis. Van grote betekenis is geweest dat hij in de gebieden waarover hij macht uitoefende, het bestuur en de rechtspraak gemoderniseerd heeft. Ook voerde hij nieuwe maten (de meter) en gewichten (de kilogram) in. Bovendien werd er een burgerlijke stand geïntroduceerd, waardoor iedereen een familienaam moest aannemen.</p><p>De Nederlanders reageerden verdeeld op al deze vernieuwingen. Sommigen vonden bijvoorbeeld de <em>Code Napoleon</em>, het Franse burgerlijk recht, een enorme verbetering ten opzichte van het eigen lokale recht. Het nieuwe wetboek schiep immers een rechtstaat waarin alle onderdanen gelijk zijn voor de wet, en waarin de rechtspraak openbaar is. Tegenstanders vonden dat Napoleon geen rekening hield met de zo verschillende lokale gewoonten en afspraken. Invoering van de dienstplicht riep eveneens weerstand op, zeker toen de vraag naar soldaten door de maar voortdurende oorlogen toenam.</p><p>Na de val van Napoleon dacht niemand erover om de Napoleontische veranderingen weer ongedaan te maken. Zo bleef de <em>Code Napoleon</em> bestaan, net als veel andere moderniseringen.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:08:15 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60365817</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366145</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/01331f312383d3a9f1f8016fdc1711474679ad0d/56ad2d94ea4d13123f1ab01658e4f548.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:10:12 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366145</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Koning Willem 1 1742-1843</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366350</link>
         <description><![CDATA[<p>Na de Franse overheersing keerde de zoon van de stadhouder Willem V in 1813 terug naar Nederland om er het koningschap te aanvaarden. Dat was een duidelijke breuk met het verleden. Willem I werd niet, zoals zijn vader, stadhouder in alle gewesten, maar koning van een eenheidsstaat. En daarin speelde hij de politieke hoofdrol.</p><p>In 1815 werden de voormalige Oostenrijkse Nederlanden (het huidige België) met het grondgebied van de Oude Republiek verenigd om te dienen als buffer tegen het verslagen Frankrijk. Zo ontstond het Verenigd Koninkrijk, voor Europese begrippen een middelgroot land met een groot koloniaal bezit. De energieke Willem (bijnaam ‘koning-koopman’) probeerde de oude economische bloei te herstellen door in de drie delen van zijn land (het noorden, zuiden en Indië) de sterke kanten van de economie te stimuleren. Het zuiden, waar al vroeg een Industriële Revolutie had plaatsgevonden, moest zich richten op de productie van consumptiegoederen, de handelaren uit het noorden moesten die producten vervolgens de wereld over brengen en de inwoners van de koloniën konden ten slotte de kostbare tropische goederen leveren. De koning liet tussen Noord en Zuid kanalen en wegen aanleggen om het vervoer van de goederen te vergemakkelijken. Zelf trad hij ook op als investeerder. Voor de handel met Nederlands-Indië richtte hij in 1824 de Nederlandsche Handelmaatschappij op. In Indië werd het cultuurstelsel ingevoerd, dat de inlandse bevolking verplichtte, een deel van het jaar op het land te werken voor het koloniale bewind. De producten werden dan door De Nederlandsche Handelmaatschappij verkocht.</p><p>Ondanks zijn economische activiteiten, viel de koning bij de Belgen niet in de smaak. De Belgische liberalen zagen in hem een vorst die uit was op de absolute macht en niet bereid was om meer inspraak van de ontwikkelde elite te dulden. De Belgische katholieken maakten bezwaar tegen de inmenging van de protestantse koning in de opleiding van priesterstudenten. In 1830 lieten de Brusselaars zich door de aria ‘Amour sacré de la patrie’, die in hun schouwburg ten gehore werd gebracht, inspireren tot een opstand. Willem I stuurde er een leger op af, maar dat mocht niet baten. België verkreeg zijn onafhankelijkheid. Niettemin hield hij het leger nog negen jaar op de been, tegen hoge kosten, wat zijn reputatie in Nederland ernstig beschadigde. In 1839 erkende hij eindelijk de Belgische onafhankelijkheid. Het jaar erop deed Willem I gedesillusioneerd afstand van de troon.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:11:18 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366350</guid>
      </item>
      <item>
         <title>De eerste spoorlijn 1839</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366734</link>
         <description><![CDATA[<p>Op 20 september 1839 werd de eerste spoorlijn in Nederland feestelijk geopend. De stoomlocomotief ‘De Arend’ deed er 25 minuten over om van Amsterdam naar Haarlem te rijden. Veel mensen vonden het maar niets: het ging veel te hard en met veel te veel lawaai. Was die nieuwigheid wel nodig en was het wel veilig? In het begin van hetzelfde jaar was bij Gent nog de stoomketel van een vertrekkende trein uit elkaar gespat. Dit kon toch nooit goed gaan en de trekschuit was toch een prima vervoermiddel?</p><p>Ondanks al die aanvankelijke scepsis luidde de eerste trein een tijdperk in van enorme verandering. Het traject Amsterdam-Haarlem werd al snel uitgebouwd tot wat de ‘Oude Lijn’ wordt genoemd, van Amsterdam naar Rotterdam. De tweede belangrijke spoorlijn werd vanaf 1843 aangelegd: van Amsterdam naar Utrecht. Meer lijnen volgden, allemaal geëxploiteerd door verschillende spoorwegmaatschappijen. Rond 1900 was de trein het belangrijkste vervoermiddel in Nederland.</p><p>Het is tegenwoordig bijna niet meer voor te stellen wat voor enorme veranderingen de trein teweeg heeft gebracht in de Nederlandse samenleving. Voor de komst van het spoor was reizen bijzonder tijdrovend, voor de meeste mensen duur, en soms zelfs gevaarlijk. De trein heeft ons land in termen van reistijd veel kleiner gemaakt. De verbeterde verbindingen en het reisgemak hebben veel bijgedragen tot de eenwording van Nederland: mensen uit verschillende streken kregen meer contact en de staat kon het nationale territorium beter organiseren.</p><p>Het spoorwegennet was een voorwaarde voor de industrialisatie van Nederland, die pas na 1870 goed van de grond kwam. Grondstoffen, producten en ook arbeiders moesten immers vervoerd worden. En de industrialisatie droeg op haar beurt weer bij tot de verdere uitbouw van het spoorwegennet. In het begin van de twintigste eeuw had Nederland een dicht net van spoorwegen. Vanaf de jaren dertig werden echter veel lijnen, vooral de buurtspoorwegen, gesloten. Alle spoorlijnen werden in 1938 ondergebracht bij een nationale organisatie: de NV Nederlandse Spoorwegen, die tot de reorganisatie van 1995 bleef bestaan. De politiek en allerlei belangenorganisaties bemoeien zich intensief met de nu geprivatiseerde NS en haar dienstverlening. Dat geeft aan dat het spoor nog steeds een vitaal onderdeel is van de Nederlandse samenleving.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:13:09 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60366734</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60367011</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/ce165a9c7d30528d750d2e5d2d734d5d08378b98/ebfb6ba24f34f12e88044195fbe0c140.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:14:45 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60367011</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60367663</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/47544548c5e7de9ec0b6a4199188174257ef7cc0/c775f789b08aa5b924a91b41b009c1e3.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:18:09 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60367663</guid>
      </item>
      <item>
         <title>De grondwet 1848</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60368655</link>
         <description><![CDATA[<p><p>De Grondwet is de belangrijkste wet van een staat. (Je spreekt over een ‘staat’ wanneer er macht wordt uitgeoefend over een volk dat op een grondgebied woont.)<br>De Grondwet bepaalt wie de macht in de praktijk uitoefenen in zo’n staat en hoe dat gebeurt. De Nederlandse Grondwet regelt bijvoorbeeld wat de rol is van de koning(in) en van de ministers. Ook bepaalt de Grondwet hoe de andere wetten moeten worden gemaakt, wat de rechters doen, en wat het werk is van gemeenten en provincies. Bovendien stelt de Grondwet vast welke invloed en macht het Nederlandse volk heeft in de staat.</p><p>Helemaal aan het begin van de Grondwet staan de rechten die burgers hebben tegenover de staat: de grondrechten. Bij die grondrechten gaat het dus niet om rechten die de burgers onderling – ‘tegenover elkaar’ – hebben, maar om het recht van burgers op hun eigen leven zonder dat de staat zich met hun opvattingen en levenskeuzes bemoeit.</p><p>Het allereerste artikel van de Grondwet belooft dat alle mensen, hoe verschillend ze ook zijn en welke verschillende opvattingen ze ook hebben, door de staat gelijk worden behandeld. In de artikelen daarna zegt de Grondwet, onder andere, dat burgers het recht hebben om hun eigen godsdienst te beoefenen, het recht om vrij met elkaar van gedachten te wisselen en het recht om hun mening in het openbaar te verkondigen.</p><p>De staat mag zulke vrijheden – zoals vrijheid van godsdienst en vrijheid van meningsuiting - alleen beperken als het echt nodig is. Het kan bijvoorbeeld nodig zijn iemands vrijheid te beperken als hij een bedreiging vormt voor anderen. In zo’n geval mag de staat ingrijpen, maar dat moet dan wel volgens de wet gebeuren.<br>In de Middeleeuwen was er nog geen Grondwet. De vorst had de macht en hoefde zich zelf niet aan de wet te houden. In de tijd daarna kregen sommige groepen mensen wel rechten tegenover hun vorst, maar pas sinds de achttiende eeuw heeft iedereen rechten en moet iedere instantie die de macht uitoefent zich aan de wet houden. In 1798 werd dit in Nederland vastgelegd in een Grondwet; de ‘Grondwet voor het Koninkrijk der Nederlanden’, die nog steeds geldt, werd opgesteld in 1815.<br>De Grondwet kan minder gemakkelijk worden gewijzigd dan andere wetten. Toch zijn er wel grote grondwetsherzieningen geweest. In 1848 stemde Koning Willem II ermee in de Grondwet zo te wijzigen dat de koning minder macht kreeg en het volk meer. De verandering was zo ingrijpend dat de ‘Grondwet van 1848’, opgesteld door de staatsrechtgeleerde Thorbecke, wel wordt gezien als het begin van de democratie. Niettemin werd pas in 1917 het kiesrecht ingevoerd voor alle mannen; vrouwen kregen toen voor het eerst passief kiesrecht. In 1922 werd eindelijk ook het actief vrouwenkiesrecht - dat in 1919 was ingevoerd - in de Grondwet opgenomen.</p></p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:23:20 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60368655</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Max Havelaar 1860</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60369301</link>
         <description><![CDATA[<p>In 1859 schreef een teleurgestelde ambtenaar uit Nederlands-Indië, Eduard Douwes Dekker, onder de schuilnaam Multatuli een boek met als titel <em>Max Havelaar of de koffiveilingen der Nederlandsche Handelmaatschappij</em>. Dat boek was een felle aanklacht tegen de misstanden als gevolg van het Nederlandse bewind in Nederlands-Indië. Het boek verscheen een jaar later, in 1860.</p><p>Het boek is een raamvertelling met verschillende verhaallijnen die in elkaar geweven zijn. Het opent met het verhaal van Batavus Droogstoppel, makelaar in koffie, het schoolvoorbeeld van een kleinburgerlijke, fantasieloze, gierige man die symbool staat voor hoe Nederland van de Nederlands-Indische kolonie profiteerde. Droogstoppel krijgt op een dag bezoek van een oud klasgenoot, Sjaalman, die hem vraagt een manuscript uit te geven.</p><p>Dan volgt - onderbroken door commentaar van Droogstoppel - het verhaal van dat manuscript, dat in grote lijnen de werkelijke belevenissen vertelt van Multatuli alias Max Havelaar als assistent-resident in Nederlands-Indië. (Dit is voor een groot deel de geschiedenis zoals schrijver Eduard Douwes Dekker die zelf als ambtenaar had meegemaakt). Assistent-resident Havelaar neemt het op voor de onderdrukte inlanders, de Javanen, maar wordt daarin tegengewerkt door zijn Nederlandse superieuren en lokale profiteurs die met de Nederlanders gemene zaak maken.</p><p>In het boek zijn ook een aantal inheemse verhalen verweven, zoals de beroemde vertelling van Saïdjah en Adinda. Onder dit aangrijpende liefdesverhaal gaat een felle aanklacht schuil tegen de uitbuiting en wreedheden waaronder de Javanen te lijden hebben. Aan het slot van het boek richt Multatuli zich in een vlammend betoog rechtstreeks tot koning Willem III, die als staatshoofd eindverantwoordelijk is voor alle misstanden en corruptie in Nederlands-Indië.</p><p>In eerste instantie werd het boek kritisch ontvangen, maar al snel maakte het furore en het werd vele malen herdrukt, tot op de dag van vandaag. Het boek is inmiddels in 42 talen uitgegeven en werd in 1999 door de Indonesische schrijver Pramoedya Ananta Toer in de New York Times betiteld als 'The Book That Killed Colonialism'.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:26:33 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60369301</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60369737</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/7091ba4df326cbaa637a0fe344be7565ec2c51f5/5950b4747d999b96e0de1d020e1b9b15.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:28:50 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60369737</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370264</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/12918cc1797ee7475961ac50bc9586ae960e6513/45d4b725d0c60f231d965b7704ca2d8a.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:31:32 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370264</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Verzet tegen kinderarbeid 19e eeuw </title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370377</link>
         <description><![CDATA[<p>In de negentiende eeuw was kinderarbeid een normaal verschijnsel. Kinderen werkten op het land, in de winkel of in de werkplaats. Dat werd niet alleen nuttig gevonden – ze konden daar wat van leren – maar was vaak ook nodig om het gezinsinkomen te verhogen. Toen door de Industriële Revolutie kinderen ook in fabrieken aan het werk werden gezet, rezen er steeds meer bezwaren – althans tegen kinderarbeid in de fabrieken.</p><p>De werkomstandigheden waren daar meestal heel slecht. Bekend is het verhaal van de glasfabriek van Petrus Regout in Maastricht, waar de ovens dag en nacht brandden. De fabriek draaide met twee ploegen die elk twaalf uur moesten werken. Kinderen van acht tot tien jaar oud liepen zo rond twaalf uur 's nachts halfslaperig over straat om aan hun werk te beginnen. Regout vond dat niet zo'n probleem. Volgens hem konden de kinderen wel wat slaap missen.</p><p>Omstreeks 1860 nam de kritiek op de kinderarbeid toe. Doktoren en onderwijzers legden uit dat het werk ongezond was en dat kinderen thuis hoorden in de schoolbanken. Fabrieksdirecteuren begonnen in te zien dat ze kinderen beter pas in dienst konden nemen nadat ze hun lagere school hadden afgemaakt. Kinderen van twaalf jaar en ouder die konden lezen en schrijven, waren immers beter inzetbaar in de fabriek. De fabriekseigenaren kregen tegelijkertijd minder behoefte aan kinderhanden omdat steeds meer werk door machines werd overgenomen. Ook de ouders werden aangestoken door de mentaliteitsverandering. Toen hun lonen begonnen te stijgen en de aanvullende inkomsten uit kinderarbeid dus minder noodzakelijk werden, begonnen ze hun kinderen meer en langer naar school te sturen.</p><p>Twee wetten hebben aan deze ontwikkeling bijgedragen. De Kinderwet van Van Houten (uit 1874) verbood de arbeid van kinderen tot twaalf jaar in werkplaatsen en fabrieken. Dat betekende overigens niet dat fabrieksarbeid van kinderen onmiddellijk geheel werd uitgebannen. Bovendien was landarbeid door kinderen niet verboden. De Leerplichtwet van 1900 maakte een definitief einde aan de kinderarbeid. Vanaf dat moment waren de ouders verplicht hun kinderen van zeven tot en met twaalf jaar naar school te sturen. In de praktijk deden de meeste ouders dat al. Rond 1900 bezocht negentig procent van de kinderen een school.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:32:05 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370377</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370859</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/b99a1e92df4afa5f89573f9422e9658a52001807/75a3e608f2a3d81bb5069496208f17fe.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:34:28 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370859</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Vincent van Gogh 1853-1890</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370917</link>
         <description><![CDATA[<p>Ieder jaar komen bijna anderhalf miljoen bezoekers naar het Van Gogh Museum in Amsterdam. Tussen de tachtig en negentig procent van die bezoekers komt uit het buitenland. De Nederlandse schilder Vincent van Gogh is wereldberoemd.</p><p>Tijdens zijn leven, in de negentiende eeuw, was dat nog niet zo. Van Gogh had een moeilijk leven, met veel onrust, liefdesverdriet en geldzorgen. Wanhoop hierover dreef hem tot zelfmoord. Pas na zijn dood begon zijn ster te rijzen. Aan de ene kant was dat vanwege zijn schilderijen, want die zijn krachtig, kleurig, eigenzinnig; veel mensen, van alle leeftijden, vinden zijn werk mooi. Aan de andere kant zijn mensen geïnteresseerd in het levensverhaal van Van Gogh. Hij is het schoolvoorbeeld geworden van de even geniale als eenzame kunstenaar.</p><p>Van Gogh werd in 1853 in het Brabantse dorp Zundert geboren en reisde op jonge leeftijd al veel door Nederland en Europa. In 1885 maakte hij in Nuenen het beroemde schilderij 'De aardappeleters', een somber portret van een boerenfamilie. Het jaar daarop ging hij naar Parijs. Zijn broer Theo, die daar kunsthandelaar was, liet hem schilderijen en tekeningen zien van de impressionisten, schilders die verfijnder omgingen met licht en kleur dan hij gewend was. Ook raakte Vincent onder de indruk van Japanse prenten.</p><p>In 1888 huurde hij een atelier in Zuid-Frankrijk: het 'Gele Huis' in Arles. Aan zijn zus Wil schreef hij dat de uitbundige natuur van het Zuiden vroeg om een nieuwe manier van schilderen: 'Absoluut kleurig: hemelsblauw, roze, oranje, vermiljoen, hoog geel, heldergroen, helder-wijnrood, violet'. Hij maakte landschappen en, omdat hij geen geld had voor een model, veel zelfportretten.</p><p>De Franse kunstenaar Paul Gauguin kwam bij hem logeren, maar ze kregen ruzie. Van Gogh raakte zo in de war dat hij Gauguin bedreigde met een scheermes; even later sneed Van Gogh, per ongeluk of expres, een stuk van zijn eigen linkeroor af. Op sommige zelfportretten zie je hem dan ook met zijn oor in het verband.<br> Van Gogh kreeg steeds meer last van zenuwziekte, hij liet zich een tijd opnemen in een psychiatrische inrichting, waar hij beroemde schilderijen maakte van cipressen en de sterrennacht. Op 27 juli 1890 liep hij een korenveld in en schoot zichzelf in de borst. Hij overleed twee dagen later.</p><p>Tegenwoordig is Vincent van Gogh zo'n gewaardeerde kunstenaar dat zijn werk over de hele wereld in musea hangt en veel geld waard is. Een portret van de cafébazin in Arles, 'L'Arlésienne', werd in 2006 in New York geveild voor 40,3 miljoen dollar (33,9 miljoen euro). Dat is vergelijkbaar met de prijs van een Boeing 737 passagiersvliegtuig.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:34:52 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60370917</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Aletta Jacobs 1854-1929</title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60371420</link>
         <description><![CDATA[<p>Aletta Jacobs was de eerste vrouw in de geschiedenis van Nederland die officieel werd toegelaten tot de universiteit. Dat was in 1871. Als scholiere had zij een brief geschreven aan Thorbecke, de eerste minister, met het verzoek om te worden toegelaten tot ‘de academische lessen’. Zij wilde namelijk niets liever dan arts worden. Thorbecke antwoordde binnen een week, maar niet aan Aletta zelf. Hij schreef haar vader dat het goed was. Het is dus te danken aan een meisje van zeventien dat in 1871 de universiteiten in Nederland voor meisjes werden opengesteld. Vóór die tijd waren universiteiten en ook de meeste scholen alleen voor jongens toegankelijk. Alleen Anna Maria van Schurman, een geleerde vrouw die leefde in de zeventiende eeuw (ze beheerste meer dan tien talen) had ooit wat colleges mogen volgen in Utrecht. Maar dat wel van achter een gordijntje, om de jonge studenten niet af te leiden.</p><p>Haar hele leven is Aletta Jacobs voor de rechten van vrouwen opgekomen. Als arts opende zij bij voorbeeld een praktijk die vrouwen hielp aan voorbehoedsmiddelen, zodat zij niet ieder jaar zwanger werden. Ook trok zij ten strijde tegen misstanden in het winkelbedrijf. In haar Amsterdamse artsenpraktijk had zij gemerkt dat winkelmeisjes veel lichamelijke klachten hadden omdat zij de hele werkdag (wel elf uur lang) moesten blijven staan. Dankzij Aletta Jacobs kwam er een wet tot stand die winkels verplichtte ‘zitgelegenheid’ voor hun personeel in te richten. Vijftig jaar lang heeft zij ook gestreden voor het algemeen vrouwenkiesrecht, samen met andere vrouwen en mannen die opkwamen voor de rechten van de vrouw. Die vrouwen noemden zich ‘feministen’ en lieten zich veelvuldig horen: ze organiseerden tentoonstellingen, gaven kranten en pamfletten uit, richtten verenigingen op, demonstreerden en boden petities aan. Het duurde tot 1919 voor het vrouwenkiesrecht werd ingevoerd. In 1922 gingen de Nederlandse vrouwen voor het eerst naar de stembus. Aletta Jacobs was toen 68 jaar oud.</p><p>Politiek is eeuwenlang een mannenwereld geweest en gebleven, net zoals de universiteit, de kerk en het leger. Men vond dat vrouwen ondergeschikt waren aan de man: zij hoorden te zorgen voor het huishouden en de kinderen, en konden daarom niet meedoen aan het publieke leven. Kritiek op dit ‘patriarchale’ denken is er altijd wel geweest, maar echte veranderingen kwamen pas in de twintigste eeuw. Daar was nog wel een ‘tweede feministische golf’ voor nodig. In de jaren zestig voerden ‘dolle mina’s’ acties voor bevrijding van de vrouw. Zij wilden niet als hun moeders veroordeeld worden tot een huisvrouwenbestaan. In 1980 werd de ‘wet op gelijke behandeling’ aangenomen.</p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:37:42 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60371420</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60371611</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/56eeb79923732ac0a09b1b7afab9fa7e8f8563d7/d60f638fdb7549f989d3cf0049ec90ce.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:38:26 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60371611</guid>
      </item>
      <item>
         <title></title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60372304</link>
         <description><![CDATA[]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/65711959/ba188bdbffdaa0d8c35e415ecee686a99b259c8f/5105b1c2eff151cdf4a92fa76ee96728.jpg" />
         <pubDate>2015-05-13 15:42:08 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60372304</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Buiten huizen 17e en 18e eeuw </title>
         <author>joyceleussink</author>
         <link>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60372488</link>
         <description><![CDATA[<p></p><p>Tegenwoordig is Goudestein het gemeentehuis van Maarssen, een plaats ten noorden van Utrecht en gelegen langs de rivier de Vecht. Lange tijd was het een van de vele buitenhuizen langs deze rivier, waar rijke Amsterdammers de zomermaanden kwamen doorbrengen.</p><p>Op een tochtje langs of over de Vecht wordt al gauw duidelijk dat er vele van deze buitenhuizen zijn, paleisjes met vaak schitterende tuinen. De concentratie van buitenhuizen langs de Vecht illustreert de enorme rijkdom van Amsterdam in de Gouden Eeuw. De meeste van de buitens zijn in de zeventiende eeuw gebouwd, sommige later. Rijke kooplieden vonden het prettig om met hun gezinnen in de zomermaanden de stad te ontvluchten en hier in de natuur te gaan wonen. Dat ging gepaard met grootscheepse verhuizingen, meestal per trekschuit. Het personeel en vaak een deel van de huisraad, iedereen en alles moest mee. De mannen kwamen af en toe, die moesten ook 's zomers voor hun werk veel in stad zijn.</p><p>Goudestein is een schoolvoorbeeld van hoe het toeging in de buitenhuizen. In Maarssen kocht de Amsterdamse koopman Jan Jacobszoon Huydekoper in 1608 een grote hoeve. Zijn zoon Joan, een zeer belangrijk man in Amsterdam - hij was onder meer verschillende keren burgemeester - liet hier vervolgens in 1628 het buitenhuis Goudestein bouwen. In 1754 werd het zeventiende-eeuwse huis afgebroken en vervangen door het huidige paleis. Tot in de twintigste eeuw bleef het huis door Huydekopers bewoond, in 1955 heeft de gemeente het gekocht en verbouwd tot gemeentehuis.</p><p>De invloedrijke Amsterdammers nodigden veel gasten uit op hun buitens: vrienden uit de eigen sociale kring, maar ook kunstenaars en intellectuelen. Zo kwam de bekende dichter en geleerde Constantijn Huygens in 1656 op Goudestein logeren en dat beviel hem blijkbaar goed: hij schreef althans drie opgewekte gedichten over het huis.</p><p>De tuinen bij de huizen waren prachtig en zijn dat vaak nog. Zij zijn geïnspireerd door de formele Franse stijl van tuinarchitectuur, met strakke geometrische patronen. Van hieruit ontwikkelde zich een eigen, 'Hollandse' stijl: wel strak en geometrisch, maar met meer barokke elementen en speelse toevoegingen zoals bijvoorbeeld de theekoepels, kanalen, waterpartijen of doolhoven. Het spreekt voor zichzelf dat iedereen met de tuin wilde pronken, de ene was nog mooier en groter dan de andere.<br> Het zomerse leven in de buitens van deze aristocratische burgers zette zich in de achttiende eeuw voort, hoewel het toen economisch slechter ging met Nederland. Maar blijkbaar konden rijke families voorlopig nog op hun familiekapitaal teren. Tegenwoordig zijn de meeste buitens niet meer particulier bewoond. Nu zijn het toeristische attracties en prestigieuze locaties voor kantoren en partijen.</p><p></p>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2015-05-13 15:43:17 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/joyceleussink/17001800/wish/60372488</guid>
      </item>
   </channel>
</rss>
