<?xml version="1.0"?>
<rss version="2.0">
   <channel>
      <title>H2: Ontwikkelingspsychologie: 2.1 en 2.2 by Mandy</title>
      <link>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9</link>
      <description>H2: ontwikkelingstheorieën - S. Freud 2.1 &amp; E. Erikson 2.2</description>
      <language>en-us</language>
      <pubDate>2020-12-09 10:40:44 UTC</pubDate>
      <lastBuildDate>2024-10-22 08:30:06 UTC</lastBuildDate>
      <webMaster>hello@padlet.com</webMaster>
      <image>
         <url></url>
      </image>
      <item>
         <title>2.1 Sigmund Freud blz  31 tm 32</title>
         <author>mandyklappe</author>
         <link>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001653829</link>
         <description><![CDATA[<div><mark> - </mark><strong><mark>S. Freud (1856-1939):</mark></strong><strong> </strong>Grondlegger van de psychoanalyse, een psychologische stroming die vooral geïnteresseerd is in de innerlijke belevingswereld, zoals gevoelens, impulsen en fantasieën. <br><strong><mark> - </mark></strong>Freud stelde dat de persoonlijkheid zich gedurende de kindertijd vormt, en volgens hem doorlopen kinderen een aantal fasen die vormend zijn voor hun persoonlijkheid en toekomstige gedrag. &gt; <em>Binnen deze fasen worden innerlijke krachten(driften: Eros, Thanatos en Libido), lust en bevrediging, telkens met een ander lichaamsdeel geassocieerd. <br></em><strong><mark> - Psychoseksuele ontwikkelingstheorie: <br></mark></strong>Freud onderscheidde binnen zijn psychoseksuele ontwikkelingstheorie <strong><em>vijf fasen</em></strong> die de kinderen doorlopen:<br><strong><mark>1. Orale fase:</mark></strong> Geboorte tot 21 maanden. Het kind is vooral geïnteresseerd in orale bevrediging &gt; <em>Denk aan de volgende handelingen: Zuigen, eten, lippen bewegen, bijten, objecten in mond stoppen. <br></em><strong><mark>2. Anale fase:</mark></strong><em> </em>21 maanden - 3 jaar:<em> <br></em>Het kind is geïnteresseerd in anale bevrediging en zoekt dit op door bijv. de ontlasting vast te houden, dan wel te laten lopen. Daarbij raakt het kind in conflict door de eisen vanuit de omgeving en het al dan niet toelaten en bevredigen van de eigen behoeften. </div>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2020-12-09 10:42:39 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001653829</guid>
      </item>
      <item>
         <title>Sigmund Freud blz 32 tm 32</title>
         <author>mandyklappe</author>
         <link>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001683964</link>
         <description><![CDATA[<div><strong><mark>3. Fallische fase:</mark></strong> 3 tot 6 jaar:<br>Er ontstaat een interesse in de geslachtsdelen en het kind wordt nieuwsgierig naar het eigen lichaam, en gaan de verschillen tussen jongens en meisjes zien. <br><strong><mark>4. Latentie fase:</mark></strong> 6 tot 12 jaar: <br>In deze fase staat seksualiteit grotendeels op de achtergrond en deze fase staat bekend om de rustige fase. <br><strong><mark>5. Genitale Fase:</mark></strong> 12 tot volwassenheid: <br>Beslaat de gehele adolescentiefase. in deze fase leeft de geslachtsdrift weer op, seksuele interesses ontstaan en er worden volwassen seksuele relaties aangegaan. <br><strong><mark> - Fixatie:</mark></strong> Als er iets mis gaat tijdens een specifieke fase ontstaat er volgens Freud een <strong><em>Fixatie.</em></strong><em> </em>Hij bedoeld hiermee dat gedrag blijft steken op een eerder ontwikkelingsniveau, doordat het conflict in die fase niet is opgelost. &gt; <em>Denk hierbij als voorbeeld.  aan als er iets niet goed is gegaan in de orale fase, dat dat op latere leeftijd als intensief nagelbijten tot uiting kan komen<br> -</em> De theorie van Freud heeft wel wat tegenstanders, aangezien zijn onderzoek gebaseerd was op een zeer beperkte populatie, namelijk mannelijke Oostenrijkers uit de rijke middenklasse die binnen een streng milieu werden opgevoed. De vraag is dus of zijn theorie geldig is voor álle mensen. </div>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2020-12-09 10:58:02 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001683964</guid>
      </item>
      <item>
         <title>2.2 Erik Erikson blz 32 tm 35</title>
         <author>mandyklappe</author>
         <link>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001705368</link>
         <description><![CDATA[<div><strong><mark> - E. Erikson (1902-1994):<br></mark></strong>Grondlegger van psychosociale ontwikkeling theorie deels op basis van Freuds psychoanalyse. <br>Zijn theorie is gericht op hoe mensen hun <em>psychosociale identiteit </em>vormen waarbij ´crisis´ zowel leidt tot verlies als groei(kansen). Hij ziet hierbij een belangrijke rol voor sociale omgang. <br><strong><mark> - Psychosociale ontwikk. theorie:<br></mark></strong>Volgens Erikson bestaat het leven uit acht opeenvolgende levensfasen. Deze manifesteren zich volgens een vast patroon en zijn min of meer gelijk voor alle mensen. Binnen ieder van deze levensfasen dient er gewerkt te worden aan een verdere uitbouw van de psychosociale identiteit. <br>- Op de foto hieronder staan de stadia/fase van Erikson´s theorie. <br>Zodra je een nieuwe fase in gaat voel je je niet meer passen in de sociale rollen waar je je tot dan toe wel goed bij voelde. </div>]]></description>
         <enclosure url="https://padlet-uploads.storage.googleapis.com/744281421/60e11f706276339f1220c5248d2c032b/Screenshot_20201209_123410.jpg" />
         <pubDate>2020-12-09 11:09:28 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001705368</guid>
      </item>
      <item>
         <title>E. Erikson blz 32 tm 35</title>
         <author>mandyklappe</author>
         <link>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001747732</link>
         <description><![CDATA[<div><strong><mark> - Crisis:</mark></strong> Elk begin van een nieuwe fase wordt voornamelijk gemarkeerd door een crisis, conflict of uitdaging die het hoofd geboden moet worden opdat men zich optimaal verder kan ontwikkelen. De crisis passend bij een bepaalde levensfase die een persoon vervolgens doormaakt kan een <strong><em>positieve of negatieve </em></strong>kant op slaan. <br><strong><mark>- Positief voorbeeld:</mark></strong> Een baby die als fundament een goed basisvertrouwen heeft is later een optimistisch kind en weet dat er mensen in de wereld zijn waar hij of zij op terug kan vallen. <br><strong><mark> - Negatief voorbeeld: </mark></strong>Een baby die geen vertrouwen maar wantrouwen ontwikkeld, is later angstig en bezorgd in het bijzijn van andere mensen. <br><strong><mark> - </mark></strong>Vaak wordt verondersteld dat een crisis ten alle tijden opgelost moet worden omdat men anders niet door kan naar de volgende fase. Dit is echter een missconceptie: Erikson veronderstelde namelijk dat we gestuurd worden door biologische rijping en sociale verwachtingen op een bepaald moment in het leven. We komen dus allemaal in alle fasen terecht. <br> - De theorie van Erikson kreeg ook kritiek omdat deze ook weer gefocust zou zijn op alleen mannen. En dat de theorie op sommige vlakken wat vaag was. Dat neemt niet weg dat de theorie van Erikson van belang is geweest voor de inzichten die deze geeft in de menselijke ontwikkeling. </div>]]></description>
         <enclosure url="" />
         <pubDate>2020-12-09 11:33:01 UTC</pubDate>
         <guid>https://padlet.com/mandyklappe/2dm7atavz393v7o9/wish/1001747732</guid>
      </item>
   </channel>
</rss>
